Posts tonen met het label Atlas voor een Nieuwe Metropool. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Atlas voor een Nieuwe Metropool. Alle posts tonen

Projectkunstenaar Lex Wechgelaar


Lex Wechgelaar (fragmenten uit: Project Maastricht/Jekerdam)
Onderwerp van de tweede editie van Atlas voor een Nieuwe Metropool is het project Maastricht/Jekerdam (Rotterdam 1971 oplage 500) van de conceptuele kunstenaar Lex Wechgelaar. "Een kort en eenvoudig verslag van een studie- en vakantiereis naar Maastricht. De twee rivieren, Maas en Jeker, hebben voornamelijk de stad bepaald. De Maas stimuleerde handel en verkeer; de Jeker leverde energie en water voor de eerste industrie. In het huidige Maastricht verdeelt de Maas de stad in twee ongeveer gelijke helften en is de Jeker gedeeltelijk overkapt en opgenomen in de stadsarchitectuur. Een oplossing voor het verdeeld zijn van de stad en een mogelijkheid tot uitbreiding van het centrum lijkt mij het overkappen van de Maas over de op de kaart aangegeven lengte. Onder de overkapping kan het scheepvaartverkeer normaal doorgang vinden; op de overkapping ontstaat een uitgebreid bouwterrein, dat naar behoefte kan worden ingericht. Het onzichtbaar maken van de Maas maakt wellicht de naam Maastricht verder ongeschikt voor de stad. Gezien de ligging en de geschiedenis van de Jeker in de stad lijkt Jekerdam mij een goed alternatief. Door een enquête van Intomart werd de mening van de bevolking over een en ander gepeild".

Andere soortgelijke projecten heeft Lex Wechgelaar vastgelegd in het Kunstenaarsboek 3 Projecten (Uitgever: Hoensbroek Rosbeek 1975). Deze bestaat uit drie delen in een omslag: project 1: Gekooide weg; project 2: Afsluiting Waddenzee; project 3: Moderne ruïne : monument voor de hedendaagse woningbouw. Het laatst project is in kader van Sonsbeek 71 in Maastricht gerealiseerd. Alle kaarten en plannen bij de projecten zijn gereproduceerd van de originele kopieën of lichtdrukken.

Het project Gekooide weg: "plaats een ijzeren kooi op dat gedeelte van een autoweg, waar geregeld ongelukken plaatsvinden, die hoofdzakelijk aan de weg zelf te wijten zijn. Het verkeer kan voortgang vinden door over de looi te rijden". De map bestaat uit: projecttekening Gekooide weg, voorlopige prijsopgave, correspondentie over eventuele aanpassingen en verkeersongevallen statistiek CBS.



Lex Wechgelaar (fragmenten uit: Project Afsluiting Waddenzee)
Project Afsluiting Waddenzee: "haal ijsbergen van de Noordpool en laat ze met opkomende vloed de zeegaten verstoppen, vries ze aan elkaar en vries eventuele openingen dicht met onderkoeld water, vorm een hechte ijsdijk. De aanwezigheid van de ijsdijk geeft voldoende tijd om een definitieve dijk aan te leggen". De map bestaat uit: correspondentie Rijkswaterstaat, luchtfoto's Waddenzee, foto werkmaquette, kustkaart Noordblad Waddenzee 1960, 4 dwarsprofielen, kaart the Greenland and Barents Seas nr. 2282, kaart North Atlantic Ocean Eastern portion nr 4011 en pilot Chart juni 1970.





Lex Wechgelaar (fragmenten uit: Project moderne ruïne)

Project moderne ruïne: het derde project is pure conceptkunst en in tegenstelling tot de andere twee is dit project uitgevoerd. Wechgelaar: "een monument voor de hedendaagse woningbouw. Het bouwen volgens vooropgezet plan van een ruïne van een hedendaags bouwwerk in een omgeving van hedendaagse bouwwerken". Het is een monument voor woningbouw van vandaag en geeft een beeld van de wooncultuur van dit ogenblik. Slechts essentiële zaken komen aan de orde: lengte, breedte en hoogte van een doorsnee wooneenheid, stevig gefundeerd in gewapend beton en ongelimiteerde mogelijkheden biedend voor vermenigvuldiging langs horizontale en verticale lijnen. De moderne ruïne staat in nauwe relatie tot de omringende, voltooide wooneenheden. En over duizend jaar denkt een archeoloog misschien dat hij nu het ware gevonden heeft; een romantische geest droomt er zijn dromen over het leven in de 20e eeuw; mensen kijken er een keer rond en laten er hun 30e eeuwse afval achter... De map bestaat uit: werktekening project, correspondentie ivm de realisatie, kaart situering in Maastricht en foto's uitvoering.

Het Tuinboek van Hans de Vries

Hans de Vries (fragment uit: Het Tuinboek)
Het voornaamste doel van Hans de Vries was de mens weer bewust te maken van het belang van de natuur, het enige dat in zijn ogen puur en echt was. De boodschap moeder aarde te koesteren en te beschermen, wilde hij helder overbrengen. Kunst had voor hem dan ook geen esthetisch belang maar vervulde een praktische taak: het was een middel om te communiceren en had dus een belangrijke functie in de samenleving. ‘Wat ik doe, bewustmaken van de relatie mens-natuur is van het grootste belang.’

Onderwerp van de eerste editie van Atlas voor een Nieuwe Metropool is de volkstuin die De Vries in Almelo sinds 13 juni 1970 bebouwt. Het is tevens zijn eerste kunstenaarsboek met als titel Het Tuinboek (Rotterdam 1971). Motief: de mens mag zich niet vervreemden van zijn belangrijkste levensfactor: de aarde. Doet hij dat wel, dan zet hij zijn bestaan op spel. Deze editie sluit helemaal aan het uitgangspunt van Atlas voor de Nieuwe Metropool: het signaleren van principiële details die voor het leven zelf van betekenis zijn, maar bijna of allang uit ons sociaal-kultureel pakket zijn gevallen. De editie bestaat uit: een beschrijving van de (tuin)handelingen, citaten, een blad met tien foto's, een tuinplattegrond, een uitslag grondonderzoek, een aanmeldingskaartje van de Rotterdamse Bond van Volkstuinders en een zakje bloemenzaad.

'Binnen het sociale facet dat wij ook wel beeldende kunst noemen, neemt het werk van De Vries een unieke plaats in. Uniek omdat het belangrijkste element van de beeldende kunst: de "kreatieve" ingreep, bijna geheel ontbreekt. Om deze reden zal in het Stedelijk Museum, waar hij van half september af aan een tentoonstelling deelneemt, zijn volkstuinproject ontbreken. Deze tuin zou hij buiten het museum temidden van de volkstuinen van de doorsneburger realiseren op een wijze, die niet zou afwijken van intentie en visie van die burger' (Jan Donia).

Enveloppe voor de edities van de
Atlas van de Nieuwe Metropool

Sjoerd Buisman en het alternatieve V.V.V.-project





(Sjoerd Buisman: fragmenten uit: ALTERNATIEF
V.V.V.-project voor Woudrichem 1971)
Editie 5 van de Atlas voor een Nieuwe Metropool is een ALTERNATIEF V.V.V.-project voor Woudrichem, dat in de maanden juli en augustus 1971 gerealiseerd werd door Sjoerd Buisman: Het alternatief VVV-project voor Woudrichem konfronteert ons op lokale schaal met feiten die voor onze hedendaagse samenleving van optimale betekenis zijn. Buisman heeft op de wallen en binnen de vesting Woudrichem alle bomen beschreven en gefotografeerd waarmee iets mis is gegaan buiten de natuurlijke groei om. Het resultaat is een volledig en efficiënt signalement van een gebeurtenis in de natuur, van beïnvloeding door mens en dier en van de evolutionaire gevolgen die bepaalde kontakten hebben voor plantenwereld en bodem. Zeer bewust heb ik het project van Buisman gekozen voor de Atlas, omdat het een manifestatie is van KULTUUR, DE kultuur. Het zal niet zo lang meer duren of deze kultuur zal in onze kontreien als een historisch EVENEMENT, een evenement uit het verleden, worden beschouwd.

Aan de hand van een plattegrond, foto's en een reisgids kan de belangstellende zich in Woudrichem van boom naar boom begeven, zoals de toerist dat in Rome doet: van het Colosseum naar de Sixtijnse kapel, van Michelangelo naar Rafael. Konfrontatie met elementaire gebeurtenissen. Buisman heeft een plastisch gebeuren van de eerste orde gesignaleerd (Jan Donia). Sjoerd Buisman: 'Alle bomen binnen de vesting van Woudrichem, die een verandering hebben ondergaan buiten het normale (gezonde) groeipatroon, zijn in dit plan samengebracht, beschreven en gefotografeerd. Niet opgenomen zijn de bomen, die vallen onder de volgende categorieën:

a) de bomen die zich zonder ingreep of belemmering ontwikkeld hebben.
b) de bomen met een duidelijke stam zijn in Woudrichem in hun eerste ontwikkeling steeds gesnoeid.
c) de bomen waarvan hier en daar takken gesnoeid zijn, zonder verdere verandering.
d) de heggen binnen de vesting met uitzondering van twee rond het kerkhof van de grote kerk'.

Het stratenproject van Wim Gijzen

Wim Gijzen (fragment uit: Rotterdam/Amsterdam)
Editie 3 uit 1971 van de Atlas voor een Nieuwe Metropool is het Rotterdam/Amsterdam Stratenproject van Wim Gijzen: in Rotterdam en Amsterdam komen 240 straten voor met exact dezelfde naam. Gijzen heeft deze straten en naambordjes gefotografeerd. Het gehele project bestaat uit 960 afbeeldingen. De (alfabetisch) eerste 60 straten, dus 240 foto's, zijn verspreid op 6 vellen opgenomen in deze editie. Het totale project is was te zien in het Lijnbaancentrum in Rotterdam. Van de originele foto's werd een album samengesteld in een oplage van 4 (Jan Donia).

Wim Gijzen (Rotterdam/Amsterdam Stratenproject
4 albums met originele foto's, collectie Becht)

In het jaar daarop begon Gijzen met het project 'Een bezoek aan alle 863 gemeenten van Nederland, 1972': 'In het verlengde van een aantal eerdere projecten wilde ik op die manier (de kaart van) Nederland tekenen. In elke bezochte gemeente fotografeerde ik mijzelf, met een panoramacamera op statief, bij het gemeentebord. In het dorp of de stad kocht ik 2 ansichtkaarten, verstuurde er 1 naar de Rotterdamse Kunst Stichting (toekomstig eigenaar van het werk) en hield er 1 zelf. De winkel waar ik de kaarten kocht werd door mij gefotografeerd, zoals ook de brievenbus waarin ik de kaart postte. Per gemeente leverde dat een panoramafoto, twee ansichtkaarten - één met de afbeelding en één met de adreskant en postzegel - plus een foto van de winkel en de brievenbus. En zo zijn ze, opgeplakt op papier, alle 863 ingelijst, formaat h 34,5 x br 26 cm. Het is een fotoregistratie van geheel Nederland in één jaar, 1972. Je ziet het landschap uit die tijd, de inrichting van de leefomgeving, de kleding, de auto’s, de kleine winkeltjes die bijna allemaal verdwenen zijn, de reclames met de prijzen en merken en niet te vergeten de talloze verschillende prachtige oude brievenbussen van de PTT. En natuurlijk ook de ruim 800 ansichtkaarten met stads- en dorpsgezichten, pleinen, stations, kerken en andere specifieke gebouwen, ontluikende nieuwbouwwijken aan de rand van de stad én het dorp en andere zaken die men wilde laten zien, zoals bijvoorbeeld de plaatselijke klederdracht' (bron: Verbeke Foundation).

Atlas voor een Nieuwe Metropool: Daan van Golden





Daan van Golden  
(Speciale editie Ameland-Rapport 1971,
enveloppe + twee voorbeelden
foto's Luïscius Antiquarian Booksellers)

De Rotterdamse Kunststichting komt de eer toe als eerste overheidsinstelling de betekenis van de kunstenaarsboekjes te hebben ingezien en de uitgaven ervan gestimuleerd te hebben. Onder redaktie van Jan Donia gaf het Lijnbaancentrum in 1971/1972 de 'Atlas voor de Nieuwe Metropool' uit, waarvan in totaal 8 edities verschenen van: Hans de Vries, Lex Wechelaar, Wim Gijzen, Cor Blok, Sjoerd Buisman, Daan van Golden, Pieter Engels en een editie over de activiteiten van de Kunststichting. Deze losse bladen-in-enveloppen droegen door hun ruime verspreiding bij aan het besef dat drukwerk meer kan zijn dan informatie of reproductie. Dit besef leidde ertoe dat zelfs traditionele catalogi van de musea in het begin van de jaren zeventig een andere vorm kregen. Zij geven geen informatie óver de tentoonstelling waar ze bij horen, maar zijn er als een autonoom kunstwerk onderdeel van (Bool en De Rook 1977).

De bijdrage (nr. 6) van Daan van Golden getiteld 'Speciale editie Ameland-Rapport. Jan Donia's Atlas voor een Nieuwe Metropool' bestaat uit een assemblage van een kleurenfoto, veren, zand, bladeren, gras en een varen verpakt in cellofaan. Elke editie ziet er weer anders uit. De oplage is 500. Van Golden heeft dit verzameld tijdens zijn verblijf in oktober en november 1971 op Ameland.

In dat jaar werkte Van Golden ook aan een van zijn mooiste werken: de 'Sleeping Buddha' uit 1973. Het is een assemblage, gemaakt van een ansichtkaart, lapjes stof, bloedkoralen, gedroogde bloemen en schelpen. 'In een winkeltje in Singapore zag ik dat oude brokaat, die oude zijde', zegt hij. 'Het lag daar niet voor de verkoop, maar ik moest en zou het hebben. De bloemmotieven komen uit de jurk van mijn vriendin. De bloedkoralen en schelpen vond ik op het strand van Bali. (...)'.

Voor Van Golden bestaat er geen scheidslijn tussen leven en kunst. Toeval beschouwt hij als een krachtige, toegevoegde waarde, die hem helpt bij het vinden van nieuwe beelden in de bestaande wereld. De keuze van onderwerpen is een afspiegeling van Van Goldens eigen interesses en leven. Van Golden haalt zijn ideeën voor een schilderij of foto uit een stuk bedrukt pakpapier, de bladderende verf op een garagedeur, uit een afbeelding van Boeddha of Mick Jagger of uit een groep viooltjes. Gewone dingen, die bij nader inzien een grote visuele kracht blijken te hebben. Ook reproducties van kunstwerken Henri Matisse, Alberto Giacometti of Jackson Pollock kunnen het vertrekpunt zijn voor een echte ‘Van Golden’. De vondsten die hem inspireren tot nieuw werk noemt hij ‘vitaminen’ (Verf, 2004 Amsterdam). Vooral de bijzondere wijze waarop hij zijn schilderijen, foto's en andere werken presenteert in tentoonstellingsinstallaties en publicaties, die daarmee zelf weer kunstwerken worden, wordt ook door opeenvolgende generaties kunstenaars hoog gewaardeerd. Hij weet het bijzondere te ontdekken in het alledaagse en is in staat je nieuwe dingen te laten zien.

Het bomenproject van Sjoerd Buisman

Sjoerd Buisman (fragment uit: Bomenproject Nederland)
De experimenten van de conceptuele kunstenaar Sjoerd Buisman met groeiprocessen, zoals 'Het Bomenproject Nederland (1973-1975)', zijn als eco-art te kwalificeren. Sjoerd Buisman houdt zich bezig met bomen en planten en de manier waarop zij groeien. Hij reisde over de wereld op zoek naar botanische vergroeiingen. Dit veldwerk resulteerde in een immense verzameling tekeningen, foto’s en teksten waaruit geconcludeerd kan worden dat de natuur manipuleerbaar is maar zich altijd volgens haar wetmatigheden zal manifesteren. Waar anderen zich bezighouden met steen, klei, staal en andere materialen, zoekt Buisman naar levende materialen voor zijn groeiwerken. Eén manier van werken is dat hij groeiprocessen, dé plastische gebeurtenissen in de natuur laat zien. Een ander manier van werken is dat hij net als de natuurkrachten dwingt het levende materiaal in een bepaalde richting te duwen, waardoor het uiteindelijk tot kunstwerk uitgroeit. Het binnendringen in de natuur, buiten de gebaande paden om, met de opdracht die natuur als kunst tot leven te wekken, maken hem met zijn groeiwerken nu reeds tot een uniek fenomeen (bron: Galerie Anderwereld Groningen).

Kunstenaarsboeken van Buisman zijn: ALTERNATIEF V.V.V.-project voor Woudrichem (Editie 5 van de Atlas voor de Nieuwe Metropool 1971), Swelling (Temporary Travelling Press Publications Bern 1976),  Groeiprocessen 1967-76 (Kunstinformatie 5 Kunstcentrum Badhuis Gorinchem 1976), Epiphyte project Venuzuela (Kunstpublicatie 2 Kunstcentrum Badhuis Gorinchem 1978).  Buisman heeft ook een kunstenaarsboekje vervaardigd bij zijn prentenkabinet-tentoonstelling in het Haags Gemeentemuseum gehouden in 1975. Het centrale thema is daarbij het 'Bomenproject Nederland 1973-1975':

'Ik startte 14 mei 1973 met het 'Bomenproject Nederland'. Het omvat bomen in Nederland die buiten het normale groeipatroon veranderingen hebben ondergaan, hetzij onder menselijke, hetzij onder natuurlijke invloed. De bomen worden gefotografeerd en daarbij een beschrijving gevoegd. Ik heb mij bij deze realisatie een aantal beperingen opgelegd:

1. het project zal in eenperiode van twee jaar tot stand komen; het stopt dus op 14 mei 1975.
2. naar de vergroeiingen zal niet gezocht worden, ze moeten me op toevallige tochten in het oog springen. Wellicht zullen enige bomen uit mijn 'Bomenproject Woudrichem 1971' opgenomen worden.
3. van de gesignaleerde plastische abnormaliteiten wordt steeds de meest extreme van de boomsoort opgenomen; een eerder gevonden boom kan dus vervallen, na het vinden van duidelijker voorbeeld'.


Sjoerd Buisman (fragmenten uit: Groeiprocessen 1967-1976)

Hans de Vries en de micro-emotive art

omslag 't dooie beestenboek




fragmenten uit: 't dooie beestenboek
Het werk van Hans de Vries is volledig vervlochten en geïntegreerd met zijn dagelijks bestaan. Woonachtig op het platteland registreerde hij dagelijks zijn leven, tot de kleinste handeling aan toe. Ontwikkelingen in de natuur werden nauwkeurig bestudeerd en vastgelegd. De vinger werd gelegd op verschijnselen die men over het algemeen voor vanzelfsprekend houdt. Het totaalbeeld van arbeid, analyse en documentatie presenteerde De Vries o.a. in kunstenaarsboeken. In het tijdschrift Kunstlicht 2006 nummer 4 wordt door Sara Maso heel goed de bedoelingen van de De Vries uiteengezet en gekoppeld aan zijn kunstenaarsboeken. Hieronder volgt een samenvatting.

De Vries houdt zich niet bezig met het statische object, maar richtte zich op de bestudering en registratie van processen en verschijnselen die zich voordoen in de natuur en de eigen leefomgeving in het bijzonder. Anders dan Land Art-kunstenaars wilde De Vries niets meer of minder dan de beschouwer bewust maken van de relatie van de mens tot zijn natuurlijke omgeving. De Vries plaatste zich op deze manier meer in de traditie van de micro-emotive art, een term die door de Italiaanse kunstenaar Piero Gilardi bedacht is. Micro-emotive art was kunst die voortkwam uit de belangstelling voor minimale sensaties of belevenissen (micro-emoties), die worden veroorzaakt door processen die zo traag, of gebeurtenissen die zo gewoon of onopvallend zijn, dat niemand er in het leven van alledag oog voor heeft. De fascinatie van veel kunstenaars voor de natuur hangt hier nauw mee samen. De Vries verzamelde uitgebreide documentatie, van registraties van simpele handelingen tot gecompliceerde projecten.



Hans de Vries (fragmenten uit:
De geschiedenis van de citroengeranium)

Zijn eerste boek, Het Tuinboek, verscheen in 1971 als deel van de Atlas voor een nieuwe metropool, onder redactie van Jan Donia en uitgegeven door het Rotterdamse Fonds voor de Kunsten. Ook publiceerde hij via Agnes en Frits Becht Een jaar rond: huiselijke activiteiten en het weer (Hilversum Becht 1971 oplage 200 gesigneerd). Een eigen publicatie is Kruisingen (Finsterwolde 1973). Deze kunstenaarsboeken werden alleen bij galeries verspreid, zoals Seriaal in Amsterdam. Een ander voorbeeld hiervan is Stijgbeelden van aardbeien uitgegeven in 1974 door Galerie de Mangelgang in Groningen.

'Emmy heeft dinsdag (8 september 1970) toen ze een paar dagen bij Philips werkte van een meisje daar (Mia) een stekje van een citroengeranium (die daar op een kast stond) meegekregen'. Met deze zin begint een uitgebreide geschiedenis van een plant, opgetekend door kunstenaar Hans de Vries en zijn vrouw Emmy. Deze geschiedenis werd door het duo zelf actief voortgezet. Vrienden en familie die hen een bezoek brachten, kregen stekjes van de plant mee waardoor een hele stamboom ontstond. Een jaar lang werd met tekst en foto’s bijgehouden en geregistreerd hoe de plantjes zich ontwikkelden. Dat resulteerde in een geïllustreerd boekwerk getiteld De geschiedenis van de citroengeranium dat in 1973 uitgegeven werd bij Art Animation in Groningen in een oplage van 500 exemplaren.

Het Dooie beestenboek (De Harmonie Amsterdam 1974) is het eerste boek dat in de Nederlandse boekhandel te verkrijgen was. Hierin registreerden De Vries en zijn vrouw alle dode dieren die zij in 1971 op de weg van hun woonplaats Beerta naar Winschoten vonden. Net als zijn andere boeken is dit boek zo vormgegeven dat de manier waarop Hans de Vries werkte, er duidelijk uit naar voren komt. Hij geeft niets om esthetiek en waagt zich niet aan het mooier maken van dingen dan ze zijn. De boeken lijken een verzamelbundel van onbewerkt verzamelmateriaal. In "Het Dooie beestenboek" is van bijna elk dier een foto afgedrukt, voorzien van een handgeschreven tekst en een situatieschets van waar, wanneer en in welke toestand het dier was gevonden, alles in zwart-wit.

Een ander kunstenaarsboek is Stijgbeelden van vruchten die als vouwblad met een originele foto is uitgegeven naar aanleiding van de gelijknamige tentoonstelling in het Prentenkabinet van het Haags Gemeentemuseum in 1975.

Stijgbeelden van vruchten 1975


Stijgbeelden van vruchten 1975
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...